Nuenense kunstenaar bouwt miniatuur Flying Pins na
Nuenen, donderdag, 26 maart 2026.
Kees Rovers uit Nuenen heeft een bijzondere miniatuurversie gemaakt van de beroemde Flying Pins die bijna 26 jaar op de Kennedylaan in Eindhoven stonden. Het iconische gele kegelkunstwerk van Claes Oldenburg dreigt nu te verdwijnen voor een nieuw busstation. Rovers’ replica toont hoe diep verbonden inwoners uit de regio zijn met dit kunstwerk. De originele Flying Pins werden in 2000 geplaatst om humor en speelsheid te brengen in het zakelijke centrum van Eindhoven, vlak voor het EK voetbal.
Iconisch kunstwerk onder druk
De oorspronkelijke Flying Pins staan nu onder druk vanwege plannen voor een nieuw busstation in Eindhoven [1][2][3]. Om het busstation betaalbaar te houden, moeten de grote gele kegels mogelijk verdwijnen van hun plek op de kop van de John F. Kennedylaan [1][2][3]. Op die locatie is een parkeerplaats voor bussen gepland ter grootte van een half voetbalveld [1][2][3]. De mogelijke verplaatsing is echter nog niet definitief [2][3]. Het kunstwerk van Claes Oldenburg en Coosje van Bruggen werd op 31 mei 2000 geplaatst [3], bijna 26 jaar geleden [1][2][3].
Kunstenaars hadden duidelijke visie
Oldenburg en Van Bruggen kozen bewust voor de locatie aan het einde van de Kennedylaan [1][2][3]. Oldenburg legde uit dat automobilisten zich daar als een bal voelen die op de drukte van de stad stuit [1][2][3]. “Hier ben je als automobilist een soort bal, langzaam rollend over de groen omrande weg tot je aan het eind, paf, op de drukte van de stad stuit”, zei de popart-kunstenaar [2][3]. Het idee voor bowlingkegels kwam niet uit het niets - in 1967 maakte Oldenburg al een tekening van bowlingballen op Park Avenue in New York, een plan dat nooit werd uitgevoerd [1][2][3]. De gemeente Eindhoven gaf de opdracht voor het kunstwerk [1].
Humor in moeilijke tijden
De Flying Pins kwamen op een belangrijk moment voor Eindhoven [1][2][3]. In maart 1999 presenteerden de kunstenaars het ontwerp, toen Eindhoven “op apegapen” lag na ontslagen bij Philips en het faillissement van DAF [1][2][3]. Jan Debbaut, toenmalig directeur van het Van Abbemuseum, zei destijds: “Het brengt een beetje humor en speelsheid in downtown Eindhoven, het stukje stad waar anders alleen maar gewerkt en geld verdiend wordt” [1][2][3]. De onthulling van de Flying Pins viel samen met de start van het EK voetbal van 2000 in het Philips Stadion [1][2][3]. Oldenburg had een duidelijke filosofie over kunst in de openbare ruimte: “Kunst moet niet op zijn kont zitten in een museum. Ik ben voor kunst die voortdurend overhoop ligt met alledaagse rotzooi, maar wel als winnaar uit de bus komt” [1][2][3].
Gemengde reacties toen en nu
Niet iedereen was enthousiast over de kegels [1][2][3]. ED-columnist Jos Kessels schreef destijds: “Zelf had ik bij de Kennedylaan altijd de associatie met een stroeve sjoelbak, waarbij de samengeklonterde schijven deden denken aan auto-ongelukken” [2][3]. Hij hekelde ook de optimistische motivatie van de gemeente [1]. Nu de plannen voor het busstation vorm krijgen, hopen liefhebbers dat de Flying Pins behouden blijven [1]. Zij verwijzen naar eerdere verwaarlozing van kunstwerken door de gemeente Eindhoven [1]. De mogelijke verwijdering wordt omschreven als “eruit gekegeld worden” [1][2][3].