Eigen risico zorgverzekering stijgt naar 455 euro
Den Haag, maandag, 4 mei 2026.
Het eigen risico voor zorgverzekeringen gaat volgend jaar omhoog naar 455 euro, een verhoging van 70 euro ten opzichte van nu. De Raad van State steunt het kabinetsplan maar waarschuwt voor de gevolgen voor chronisch zieken en mensen met lage inkomens. Het kabinet wil met deze maatregel 1 miljard euro besparen op de zorgkosten. Vanaf 2028 komt er een nieuw systeem waarbij patiënten maximaal 150 euro eigen risico per behandeling betalen. De regering belooft steun via zorgtoeslag en gemeentepolissen, maar het is onduidelijk of gemeenten deze hulp kunnen waarmaken. Zonder de jarenlange bevriezing zou het eigen risico nu al 535 euro zijn geweest.
Raad van State steunt verhoging met kanttekeningen
De Raad van State ziet geen grote juridische obstakels voor het verhogen van het eigen risico naar 455 euro in 2027 [1][2]. Het adviesorgaan bracht op maandag 4 mei zijn oordeel uit over het kabinetsvoorstel [1]. Het eigen risico stijgt van 385 euro naar 455 euro, wat neerkomt op een verhoging van 60 euro bovenop de automatische inflatieverhoging [1][2]. De Raad van State heeft begrip voor het opnieuw laten meestijgen van het bedrag na jarenlange bevriezing [3]. “Alternatieven, zoals het beperken van het verzekerde zorgpakket, zijn ingrijpender en minder aantrekkelijk”, aldus de Raad van State [3]. Zonder de bevriezing zou het eigen risico volgens schattingen inmiddels richting de 535 euro zijn gegaan [2][3].
Zorgen over chronisch zieken en gemeenten
De Raad van State waarschuwt dat chronisch zieken en mensen met lage inkomens het hardst worden geraakt door de verhoging [1][2][3]. “De werking van het verplicht eigen risico staat of valt bij goed flankerend beleid, omdat de financiële gevolgen daarvan het grootst zijn bij chronisch zieken en zouden kunnen leiden tot ongewenste zorgmijding”, stelt het adviesorgaan [3][6]. Het kabinet heeft 350 miljoen euro gereserveerd als steun voor chronisch zieken, maar de Raad van State vindt dat het wetsvoorstel onvoldoende duidelijk maakt hoe dit geld precies wordt ingezet [2]. Het adviesorgaan betwijfelt of gemeenten wel in staat zijn om chronisch zieken voldoende te helpen via de Wet maatschappelijke ondersteuning en speciale gemeentepolissen [2][6]. De Raad van State vraagt het kabinet uit te leggen hoe het voorkomt dat “verwachtingen worden gewekt die vervolgens door gemeenten niet worden waargemaakt” [2].
Nieuw systeem vanaf 2028 met twijfels
Vanaf 2028 wil het kabinet een nieuw systeem invoeren waarbij patiënten maximaal 150 euro eigen risico per behandeling betalen in de medisch-specialistische zorg [1][2][3]. Deze ‘tranchering’ moet de financiële drempel tot zorg verlagen en ongewenste zorgmijding tegengaan, verwacht de regering [1][6]. De Raad van State is echter niet overtuigd van de meerwaarde van dit systeem [2][3]. Het adviesorgaan vreest dat de opbrengst van de eigen risico-verhoging deels zal verdampen door de tranchering, waardoor hogere zorgpremies nodig zijn [3]. Chronisch zieken profiteren nauwelijks van het nieuwe systeem, waarschuwt de Raad van State [3].
Politieke druk en tijdsdruk
Minister Hermans van Volksgezondheid (VVD) moet de wetswijziging binnen enkele maanden door de Eerste en Tweede Kamer krijgen om de bezuiniging van 1 miljard euro voor 2027 te realiseren [2]. Het is echter onwaarschijnlijk dat het plan een meerderheid in de senaat haalt [2]. De verhoging van het eigen risico is onderdeel van de bezuinigingsplannen van het kabinet om de zorgkosten te beheersen [GPT]. Het kabinet wil dat mensen die zorg gebruiken een groter deel van de kosten meefinancieren, wat moet leiden tot bewuster zorggebruik en lagere zorgkosten [1][6].
Waar vinden inwoners meer informatie
Het volledige advies van de Raad van State is te lezen op www.raadvanstate.nl [6]. Mensen die vragen hebben over de zorgtoeslag kunnen terecht bij de Belastingdienst. Voor informatie over gemeentepolissen en ondersteuning via de Wet maatschappelijke ondersteuning kunnen inwoners contact opnemen met hun gemeente. De wetswijziging moet nog door de Eerste en Tweede Kamer worden behandeld voordat deze definitief wordt.