Gemeenten houden miljoenen over door slechte timing Rijksgeld

Gemeenten houden miljoenen over door slechte timing Rijksgeld

2026-03-03 gemeentenieuws

Eindhoven, dinsdag, 3 maart 2026.
Nederlandse rekenkamers ontdekten dat lokale overheden structureel geld overhouden door vier hoofdoorzaken. De belangrijkste reden is slechte timing van extra Rijksgeld - zoals energietoeslagen die pas maanden later uitgegeven konden worden. Daarnaast zorgen te optimistische planningen voor grote projecten, problemen met het invullen van vacatures en te pessimistische belastingschattingen voor onderbesteding. Het onderzoek van Radboud Universiteit betrof meer dan 150 gemeenten, provincies en waterschappen. Deze meevallers betekenen dat democratisch goedgekeurde plannen vertraagd worden of onnodige bezuinigingen plaatsvinden. De rekenkamers waarschuwen dat dit duidt op structurele problemen in gemeentelijke financiën die directe gevolgen hebben voor lokale projecten en dienstverlening.

Onderzoek toont vier hoofdoorzaken onderbesteding

Het DoeMee-onderzoek van 2025 onderzocht onderbesteding bij 138 gemeenten, tien waterschappen en zes provincies [1]. Radboud Universiteit voerde dit onderzoek uit in opdracht van de Vereniging van Rekenkamers en publiceerde de resultaten op 2 maart [1]. Het onderzoek identificeerde vier verklaringen voor structurele onderbesteding: slechte timing van Rijksgeld, planningsoptimisme, capaciteitsproblemen en slechte ramingen [1]. Deze meevallers duiden volgens de rekenkamers op onderliggende problemen in overheidsorganisaties [1]. De timing van extra geld van het Rijk blijkt de belangrijkste oorzaak van onderbesteding bij gemeenten en provincies [1].

Energietoeslagen illustreren timing probleem

Een concreet voorbeeld van slechte timing vormden de energietoeslagen uit 2022 [1]. Dit extra geld kon pas vanaf oktober 2023 worden uitgegeven, waardoor gemeenten het geld maandenlang niet konden besteden [1]. Het Rijk werkt verstorend op gemeentebegrotingen door de mei-, september- en decembercirculaire en de incidentele middelen die hierbij vrijkomen [2]. Deze verstoringen maken het voor gemeenten moeilijk om realistisch te begroten en hun plannen uit te voeren [2]. De Rijksoverheid moet evalueren of decentrale overheden de middelen direct kunnen besteden [1].

Optimisme en personeelstekorten verstoren begroting

Planningsoptimisme bij grote projecten leidt tot doorschuiving van geld naar volgende begrotingsjaren wanneer projecten vertraging oplopen [2]. Deze tegenslagen in de planning zijn volgens het onderzoek deels van tevoren te voorzien [2]. Optimisme bij het invullen van vacatures zorgt voor structurele onderbesteding aan personeelskosten [2]. Gemeenten begroten elk jaar opnieuw dat vacatures dit jaar wel ingevuld worden, terwijl dit jaar op jaar niet lukt [2]. Planningsoptimisme en capaciteitsproblemen hangen samen en leiden tot te optimistische inschattingen bij het opstellen van begrotingen [1].

Belastinginkomsten structureel onderschat

Gemeenten schatten belastinginkomsten structureel te laag in, wat zorgt voor hogere opbrengsten dan geraamd [2]. Dit pessimisme bij inkomsten uit belastingen leidt tot onverwachte meevallers [2]. Slechte ramingen bij omvangrijke of structurele onderbesteding duiden op problemen in de overheidsorganisatie [1]. Als parkeerbelasting autogebruik moet ontmoedigen, maar er wordt meer parkeergeld opgehaald dan geraamd, werkt het ontmoedigingsbeleid niet [1]. Op landelijk niveau is voor circa 33% van de provinciale budgetten en 10% van de gemeentelijke budgetten niet te herleiden waaraan het wordt besteed [1].

Gevolgen voor democratische besluitvorming

Onderbesteding betekent dat democratisch tot stand gekomen plannen vertraagd of niet worden uitgevoerd [1]. Ook worden soms bezuinigingen doorgevoerd die helemaal niet nodig waren [1]. Volksvertegenwoordigers hebben goede informatie nodig en aandacht voor de beschikbare capaciteit om taken uit te voeren [1]. Het verdelen van middelen is een van de belangrijkste taken van raden, staten en algemene besturen [2]. Dit was de afgelopen jaren steeds lastiger, vooral in gemeenten, omdat het verdelen in schaarste vaak moeilijke en pijnlijke keuzes betekende [2]. Sturen op de begroting blijkt lastig omdat het ingewikkelde documenten blijven [2].

Lokale rekenkamers gaan aan de slag

De rekenkamers die deelnamen aan het onderzoek stellen de komende weken individuele rekenkamerbrieven op voor hun volksvertegenwoordigers [2]. Deze brieven bevatten specifieke bevindingen over onderbesteding in hun gemeente, waterschap of provincie [2]. Het onderzoek moet volksvertegenwoordigers helpen de budgettaire knoppen te vinden waar zij aan kunnen draaien [2]. Op drie van de vier oorzaken kunnen raad, staten en algemeen bestuur volgens de rekenkamers invloed uitoefenen [2]. Alleen op de verstorende werking van het Rijk hebben lokale overheden geen invloed [2].

Waar inwoners meer informatie kunnen vinden

Het volledige onderzoeksrapport ‘Schipperen tussen crises en ambitie’ is beschikbaar via rekenkamers.nl [2]. Inwoners van gemeenten die deelnamen aan het onderzoek kunnen binnenkort lokale rekenkamerbrieven verwachten met specifieke bevindingen voor hun gemeente [2]. De Vereniging van Rekenkamers organiseert elk jaar een gezamenlijk DoeMee-onderzoek waar decentrale rekenkamers zich voor kunnen inschrijven [2]. Voor vragen over lokale begrotingen kunnen inwoners contact opnemen met hun gemeenteraad of lokale rekenkamer [GPT].

Bronnen


gemeentefinanciën rijkssubsidies